Bestemming…
Ik geef eerlijk toe dat ik me er erg op verheugd had, de heropening van het Letterkundig Museum in Den Haag op 5 maart j.l. Ik ontving al keurig weken van tevoren een uitnodiging. De reden: mijn portret van Anna Enquist zou daar ook een plek krijgen. Ik voelde en voel me zeer vereerd dat het portret op zo’n geschikte locatie zou komen te hangen. Immers het Letterkundig Museum heeft nu twee permanente tentoonstellingen ingericht, Het Pantheon en de Nationale Schrijversgalerij. Voor de voorlopige eeuwigheid (!), in ieder geval tot in lengte van jaren, zijn honderd Nederlands schrijvers van de afgelopen duizend jaar uitgelicht in het Pantheon en hebben de beeltenissen van bijna vijfhonderd schrijvers hun vaste haakje gevonden aan de muren van het Haagse museum.
Overvolle zaal luistert naar Mischa Wertheim
Verwachtingsvol toog ik met vrienden naar de opening. Zowat heel schrijvend Nederland ging samen in een hilarische samenzang met Mischa Wertheim. Daarna opende Harry Mulisch de tentoonstellingen met een vingerknipje in de lucht.
Mulisch een schim? Nee hoor, alive and kicking!
Als op een bruiloft of begrafenis mochten we de ‘hoogstgenodigden’ volgen die op de eerste rij zaten naar de Nationale Schrijversgalerij, directeur Aad Meinderts en Harry Mulisch voorop.
Op naar de Nationale Schrijversgalerij en het Pantheon. Die filmcamera maakt het allemaal wel heel echt.
Ha, nu zou ik mijn portret mooi zien hangen. De tentoonstelling is alfabetisch gerangschikt, dus op naar de letter ‘E’ van Enquist. A, B, C, D en… het zal niet waar zijn,… bij de letters E en F is de muur plotseling zo’n zes meter hoog. Ik zie dat mijn portret met al zijn details helemaal bovenaan op een niet te overziene afstand terecht gekomen is. Ik ben niet vaak in mijn leven zo onthutst geweest. Razend ook, want ik vind het zonde van zo’n geslaagd en fijn gedetailleerd portret om het zo op te hangen dat je het niet meer behoorlijk kan bekijken.
Deze schrijver die zichzelf zojuist heeft terug gevonden aan de muur moet ik nog even opzoeken in de bij de Nationale Schrijversgalerij behorende catalogus. Of herkent u hem zo al? Moet een achternaam met een E, F of G zijn.
Natuurlijk vind ik het uit oogpunt van de welwillende beschaafdheid ook heel sneu voor die andere schilders die een schilder met een F of een E hebben geschilderd. Ook zij hangen op eenzame hoogten. Nou ja, zo gaat dat dus soms.
Aangezien ik nog moest autorijden heb ik me ook al niet vergrepen aan de gratis drank om er nog woeste avond uit te stampen. We namen maar een kommetje erwtensoep met een sneetje roggebrood en bevredigenden onze onlust door ons aan alle beroemdheden te vergapen.
En voor wie het portret toch nog eens goed wil bekijken met de negentien miniatuurportretjes van Enquists dochter Margit op de achtergrond, is hier nog de afbeelding.
